Waarom?

Waarom eigenlijk age-friendly environments?

Eind 19e eeuw lag de gemiddelde levensverwachting van Belgen en Nederlanders op ongeveer 40 jaar. Door onder meer verbeterde riolering en schoon drinkwater, kwalitatief betere huisvesting, schonere lucht en verbetering van de geneeskunde (antibiotica en vaccins) steeg de gemiddelde levensverwachting fors. Op dit moment schommelt de levensverwachting in Nederland en België rond 80 jaar gemiddeld. Een verdubbeling in ongeveer 130 jaar tijd. Ook de gezonde levensverwachting van mensen is sterk toegenomen. De fysieke en sociale omgeving en de aanwezigheid van ondersteunende voorzieningen hebben onmiskenbaar invloed op de (ervaren) gezondheid van mensen en gezond ouder worden. Daarom zijn age-friendly environments van het grootste belang om de kwaliteit van leven van mensen te verbeteren en te ondersteunen. Hieronder wordt nader ingegaan op de invloed van age-friendly environments op de intrinsieke en functionele kwaliteit van leven.

Beleidsmatige steun

Age-friendly environments zijn ook een steun voor het oplossen van vraagstukken in het sociale domein, zoals:

  • Sociale participatie en strijd tegen eenzaamheid
  • Langer zelfstandig thuis
  • Dementievriendelijke omgevingen
  • Meer bewegen
  • Hogere kwaliteit van leven

Kwaliteit van leven

Opgroeien en ouder worden in goede gezondheid heeft grote invloed op het welbevinden en de ervaren kwaliteit van leven van mensen. Gezond zijn is niet hetzelfde als niet ziek zijn. Het gaat om de mogelijkheden om die dingen te (blijven) doen die mensen zelf het meest waardevol achten, oftewel de functionele kwaliteit van leven (zie onderstaand schema).

Public health framework who 2

 

 

 

 

 

 

 

 

(Het schema gaat uit van drie groepen ouderen: de groep met een hoge en stabiele capaciteit, de groep met verminderde capaciteit en de groep met een sterk verminderde capaciteit.)

De functionele kwaliteit van leven hangt weer samen met de mate van fysieke en mentale gezondheid van mensen (= de intrinsieke kwaliteit) en de ondersteuning die de omgeving biedt gedurende het leven. De mate van intrinsieke kwaliteit staat niet gelijk aan de mate van functionele kwaliteit, dat wil zeggen een lage intrinsieke kwaliteit betekent niet automatisch een lage functionele kwaliteit van leven. Mensen met een lagere intrinsieke kwaliteit (bijvoorbeeld door een hartaandoening, kanker of dementie) kunnen heel goed een hoge functionele kwaliteit van leven hebben indien de zorg en omgeving voldoende ondersteuning en compensatie bieden. Het gaat dan om het kunnen blijven doen van de waardevolle aspecten van het leven zoals de mens die zelf definieert.CIMG0146

Age-Friendly environments dragen ertoe bij de intrinsieke en functionele kwaliteit van leven te behouden en te versterken. De intrinsieke kwaliteit wordt versterkt door bijvoorbeeld risico’s te reduceren (ingrijpen op ernstige luchtverontreiniging, hoge misdaadcijfers, gevaarlijke verkeerssituaties), gezond gedrag te bevorderen (meer bewegen) of de gezondheidszorg te verbeteren (beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de zorg). De functionele kwaliteit van leven wordt versterkt door aanpassing aan en/of compensatie van de tekortkoming (achteruitgang zicht of mobiliteit, chronische ziekten). Bijvoorbeeld aanpassen is leren omgaan te leven met een chronische ziekte, zoals zelf de eigen suikerspiegel in balans houden. Of compensatie van tekortkomingen door technologie, hulpmiddelen, toegankelijk openbaar vervoer of veiligheid op straat. Meer lezen: WHO World Report on ageing and health, 2015.

Naar een geïntegreerde mensgerichte benadering in de zorg

Als in de behoeften van de hierboven weergegeven groepen ouderen wordt voorzien, verbetert de functionele kwaliteit van leven van ouderen aanzienlijk. Om dit te bereiken is nodig dat onder andere de zorg oog heeft of krijgt voor de functionele kwaliteit van leven van mensen. Oftewel een mensgerichte, geïntegreerde zorg die verder kijkt dan naar de casus met diabetes of hartaandoening, maar juist de mens in zijn geheel beschouwt. Zoals de kwaliteit van diens algemeen dagelijkse levensverrichtingen en mobiliteit, welzijn, wonen, sociaal netwerk, vervoer en participatie.

De Nederlandse minister van Volksgezondheid heeft een adviescommissie ingesteld die het curriculum van opleidingen en beroepen in de zorg herziet en innoveert (Adviescommissie Innovatie Zorgberoepen & Opleidingen). De adviescommissie werkt langs de lijn van het verbeteren van de functionele kwaliteit van leven. De commissie voorziet erin dat vanaf 203o de functionele kwaliteit van leven in de zorg centraal staat in alle zorgberoepen, variërend van vrijwilliger, arts en verpleegkundige. Meer lezen over het werk van de adviescommissie.